Zo werk ik

Het was nog vroeg toen ik mijn laptop openklapte. Direct klonk een herkenbaar piepje. Mijn eerste mailtje van die dag. Een dringende, zo bleek later. Het was de redactie van de krant waar ik voor werkte. Een wijkbewoner had zijn beklag gedaan over een festival dat in mijn wijk had plaatsgevonden. Ik besloot direct de ‘klager’ op te bellen, en een van de bewonersverenigingen. Er zou geen vergunning zijn voor het festival. Er was een fietspad illegaal afgesloten. Als klap op de vuurpijl zouden een van de klagers zelfs zijn bedreigd door de organisatie. Maar zoals één zwaluw nog geen zomer maakt, zo maken één of twee klagers nog geen verhaal.

 Dus ging ik verder op zoek naar informatie om erachter te komen welke problemen er hadden gespeeld. En belangrijker nog: hoe breed de ergernis werd gedragen. Ik belde met de gemeente, om te achterhalen of er klachten waren binnengekomen. Nee. Het festival bleek ook de juiste vergunningen te hebben. De twijfel groeide. Zou ik nog meer uren investeren in research voor een verhaal dat wellicht helemaal niet bestond? Of zou ik kiezen voor een snelle publicatie van de feiten die ik tot nu toe had verzameld, met het risico dat ik het verkeerde beeld gaf?

 Ik besloot nog een laatste poging te doen om achter het hele verhaal te komen. Ik mailde de andere bewonersvereniging in de wijk. Ook bij hen hadden zich bewoners gemeld met klachten. Maar de afgesloten paden en het grote hek om het festivalterrein op zich bleken niet het grootste probleem, maar het gebrek aan afstemming: ze waren graag eerder geïnformeerd door de organisatie, zodat ze wisten wat ze konden verwachten.

 Begrijpelijk, maar wat was eigenlijk het verhaal van de organisatie zelf? Zij hadden tegenslag na tegenslag achter de rug: ze wilden het festival graag op een andere locatie houden, maar een maand voor het festival was duidelijk geworden dat zij hiervoor geen toestemming kregen. Op het allerlaatste moment moesten zij daarom een vergunning voor de locatie in de wijk aanvragen: hierdoor was een goede communicatie met de buurtbewoners er bij in geschoten.

 Nu had ik eindelijk het volledige verhaal. Ik verwerkte alle gegevens in een kort nieuwsverhaal dat ik ’s avonds laat, na de nodige correctierondes, opgelucht naar de redactie stuurde. Ik wilde bijna mijn laptop dichtklappen toen de telefoon ging. De wijkagent belde. ‘Help!’, dacht ik even. ‘Het artikel is nu net weg en misschien komt hij met info die het verhaal een hele andere draai geeft.’ Wat bleek? Hij wilde graag vertellen dat de organisatie aan alle eisen rondom verkeer en veiligheid had voldaan, ‘om de broodnodige nuance in het verhaal te brengen.’ Dit was voor mij de bevestiging dat het verhaal anders in elkaar zat dan op het eerste gezicht het geval leek, en dat mijn researchuren dus niet voor niets waren geweest!

 Dit is hoe ik vaak en graag werk.

  • Een opdrachtgever heeft een dringende vraag, dus ga ik aan de slag. Want ik begrijp dat dingen soms niet kunnen wachten.
  • Wat op het eerste gezicht voor de hand lijkt te liggen, kent in werkelijkheid vaak nuances. Daarvoor is het nodig dat ik me als tekstschrijver/journalist niet beperk tot het voor de hand liggende. Dat researchen doe ik graag en goed. Omdat ik weet dat het een voorwaarde is voor een goed artikel of een goede tekst.
  • Ondanks dat ik weinig tijd had om het verhaal boven tafel te krijgen, heb ik de deadline toch gehaald: hier sta ik voor.